Ja, er zijn nog vakmannen. Al gaat het in dit geval dan om een vrouw. De voormalige Til Tuesday zangeres is over een tijdspanne van 12 jaar nu aan haar vijfde soloplaat toe. Drie daarvan bracht ze echter na 2000 uit, toen ze eindelijk verlost was van het juk van de grote boze platenmaatschappij. De fans en critici waren haar echter nog niet vergeten en sloten haar onmiddelijk terug in de armen en Bachelor N° 2 werd zelfs een "culthit" bij Radio 1-luisteraars.
The forgotton arm is een soort (bweurk!) "conceptplaat" over een bokser, John, die verliefd wordt op ene Caroline en hun pogingen om er iets van te maken, zowel op professioneel, persoonlijk als amoureus vlak. Al bij al is dat bekend terrein voor Aimee Mann, wier songs altijd al over de liefde, en alle hoogtes en laagtes die daarbij komen kijken, gingen. Het idee om ze nu aan elkaar te rijgen als een soort verhaal is leuk, maar het is niet dat ik nu de behoefte voel om het album van A tot Z te beluisteren. Ik krijg althans niet de indruk dat er meer is dan een collectie mooie liedjes, dat je pas na een volledige luisterbeurt alles snapt. Niet dat het album als los zand aan eklaar hangt, maar het klinkt gewoon teveel als gelijkwelke andere Aimee Mann-plaat.
De productie was deze keer in handen van Joe Henry. Niet alleen een stillistische verwant, ook verre ex-schoonfamilie. Als je de link zou gaan volgen van haar man Michael Penn (verwacht dit jaar ook nieuw werk van hem!!!) naar diens broer Sean Penn, naar die zijn ex-vrouw Madonna en haar zus die getrouwd is met, jawel, ome Joe... Enfin, voor ik hier teveel op de Story begin te lijken (niet dat u daarin een bespreking van Aimee Mann zal tegenkomen), back to business. Hoort u een duidelijk verschil tussen wat Jon Brion achter de knoppen deed en wat Joe Henry doet? Ik alvast niet. De lijn van de vorige platen wordt doorgetrokken, waarbij er steeds minder ruimte is voor de vrolijke rock die van I'm with stupid now zo'n leuke zomerplaat maakte. Een meer volwassen, doorwrochten en melancholischer geluid kwam in de plaats. Op zich heb ik daar niks op tegen, haar bedoelingen liggen ondertussen ook elders, maar op deze plaat is het op den duur een beetje saaie kamp. Geen knock-out, geen afgebeten oren, geen bonje buiten de ring. Een technische kamp beslist op punten, en zoiets blijft niet hangen.
Ik zei het aan het begin al, Aimee is een vakvrouw en haar songs over intense liefde en hoe die soms disintegreert naar wanhoop zijn met veel gevoel en zorg in elkaar geknutseld. Zo is King of the Jailhouse een ballad volgens het boekje en rockt Goodbye Caroline er beschaafd op los. Ik mis echter de verrassing, dat kleine beetje gekte, die onverwachtse rechtse gevolgd door een uppercut. In zijn geheel is de plaat een beetje saai en dan komt er mot in de relatie en zo krijgen haar songs uiteindelijk te lijden onder de sleur waarvoor ze ons waarschijnlijk net wil bewaren met haar muziek. En dat kan niet de bedoeling geweest zijn.
