Cat Power, The Greatest

a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z #


(Matador, 2006)
Rating: 8.9/10

1. The Greatest
2. Could We
3. Lived In Bars
4. Islands
5. After It All
6. The Moon
7. Living Proof
8. Empty Shell
9. Willie
10. Where Is My Love
11. Hate
12. Love & Communication

Posted 01-02-2006
by GeertA

Het getuigt van enige arrogantie om je plaat The Greatest te noemen, tenzij het om een collectie Greatest Hits gaat. Nu heeft Chan Marshall nooit een hit gehad, dus zo een collectie is dan ook vrij moeilijk samen te stellen. Wat is het dan wel geworden? Wel, een verdomd mooi schijfje en één waarmee ze gerust plaats mag nemen tussen het betere werk van Conner Oberst, Jason Molina, Will Oldham of Ryan Adams om er maar enkele te noemen.

De echtgenote van Bill Callahan (Smog) is al jaren één van m'n favoriete indiezangeresjes. Waar ze tot op heden vooral putte uit haar naakte, vrouwelijke folk/blues/indiejargon, gaat Cat Power op deze plaat op zoek naar haar Southern-roots (Chan komt uit Georgia, nvdr). In het verleden verloor ze zichzelf wel eens in haar sombere klankenpalet, op deze plaat klinkt ze soms lekker licht en luchtig voor haar doen. Dat zorgt ervoor dat er een nieuwe, warme wind doorheen haar skeletachtige songs waait. Ik weet het, normaal gezien kan je niet veel verwachten van opgewarmde lijken, maar op The Greatest stuwen ze de bruinogige deerne naar nieuwe hoogtes.

De plaat werd opgenomen in één week tijd met de hulp van een rits door de wol geverfde sessiemuzikanten. Sommigen ervan stonden nog in de soulband van Al Green. Wie echter een totale ommekeer in sound verwacht en Chan Marshall de Natalia-kant ziet opgaan richting Sportpaleis, kan ik meteen geruststellen. De grootste troef van deze schijf is immers dat het nog steeds klinkt als Cat Power. Maar waar je je voorheen kon verwarmen aan het feit dat zij nog dieper in de put zat dan jij, stralen deze songs pas echt een warme gloed uit. Vergis u niet, de miserie is nog steeds alomtegenwoordig (bijvoorbeeld een vriendje met wapperende handjes in After it All), maar je raakt vlugger verblind door de zonnige verpakking (in hetzelfde nummer wordt zelfs gefloten!). Dat soort contrasten, daar hou ik wel van. Ik kan me vergissen, maar het is volgens mij ook de eerste plaat waarop Chan muzikaal zichzelf durft te zijn en haar roots omhelst in plaats van er zich tegen af te zetten. Die verandering is niet alleen een verademing maar ook een verrijking.

De titelsong schittert door de strijkpartijen en subtiele accenten (de backings). Living proof heeft een even eenvoudig als meeslepend pianoloopje. Could we swingt zachtjes in de zomerbries terwijl Where is my love haast te zeemzoeterig is om nog goed te zijn. We worden echter stil van de eenvoud en de pracht zonder de praal. Het is misschien niet toevallig dat ik Hate één van de minpuntjes op de plaat vind, terwijl het een favoriet zou geweest zijn op één van haar vorige releases.

Eigenlijk heeft Chan het ons deze keer wel heel erg makkelijk gemaakt en hopelijk heeft ze nu ook een trend neergezet en zullen andere artiesten in het vervolg ook meteen in de titel aangeven wat de kwaliteit van het afgeleverde werkstuk is. Zo kijken we reikhalzend uit naar ondermeer The Last Album van Zornik, We admit that we suck van Live, If you don't love me I'll kill myself van James Blunt (please!please!please!),... Enfin, de mogelijkheden zijn eindeloos. Als u er nog goeie kent, laat ze ons dan gerust weten en geniet alvast van Cat Powers grootste plaat!