Met hun derde plaat is de toverformule van Coldplay nu wel stilletjes aan bekend. Maar, ook al is het geheim nu ontsluierd, de toverkracht blijft intact. X&Y bezit de degelijkheid van een recept op grootmoeders wijze, maar slaat – zoals je van een grootmoeder kunt verwachten - geen grote gensters.
Ik beken ootmoedig dat ik altijd een zwak heb gehad voor de sound van Chris Martin en co. De combinatie van zijn exentrieke stem, de melancholie van zijn piano en de catchy gitaarriffs doen me keer op keer overstag gaan. Zo bezorgt Spies van hun debuutplaat Parachute s me zelfs in tijden van ozonalarm een dosis kippenvel.
Was Coldplay ten tijde van Parachutes nog een onschuldig zootje ongeregeld uit Londen, zo is de groep ondertussen uitgegroeid tot een supergroep die de concurrentie kan aangaan met U2 of R.E.M. en meer dan 15 miljoen platen verkocht. En de immer bescheiden wereldverbeteraar Chris Martin trad na zijn huwelijk met Gwyneth Paltrow ondertussen toe tot de gilde van Hollywoodsterren. Je zou voor minder capsones krijgen.
Hoewel Martin hard zijn best doet om te bewijzen dat hij een gewone sterveling is gebleven, klinkt de nieuwe status van Coldplay wel degelijk door in X&Y . De groep werkte anderhalf jaar aan de opvolger van het bejubelde A rush of blood to the head en het laatste wat je na enkele luisterbeurten kunt zeggen, is dat er niet aan de plaat gesleuteld is. En dat is nu net één van de grootste bezwaren bij dit album. Ze werd wellicht van alle kanten bekeken, binnenste buiten gekeerd, bijgesteld, gerodeerd, gemilimeterd, opnieuw door de hakselaar gehaald, terug in elkaar gestoken, wat afgeschuurd … Enfin, het beeld zal wel al duidelijk zijn. Resultaat is in elk geval een ietwat te gepolijst, afgeborsteld en beredeneerd geheel. Wie het positief wil bekijken, kan ook zeggen dat het een plaat geworden is die past bij de superstatus van Coldplay.
Toch gaat die supergroepsound spijtig genoeg ook af en toe gepaard met een teveel aan bombast. Een aantal nochtans goeie nummers lijdt ook echt onder die muzikale zwaarlijvigheid, zoals Low en Twisted logic . Het geluid zorgt logischerwijs dan ook voor associaties met de Ierse collega's van U2. Ook Bono's producten zijn immers prêt-à-écouter rockplaten met verschillende luisterlagen en een rist effecten. Ook op X&Y vallen die te horen. De vergelijking houdt daar echter niet op. Zo duikt ook het typische gitaargeluid van The Edge op in verschillende nummers. En het puike, puntige openingsnummer Square one lijkt zo weggelopen uit The Unforgettable fire.
Misschien benaderen we deze plaat wat teveel vanuit de ratio. Wanneer we aankloppen bij onze onderbuik en ons verstand op nul zetten – een moeilijke oefening (hmm) – blijkt keer op keer dat je na een aantal luisterbeurten gewoon meebrult met een hele rist onmiskennelijk aanstekelijke nummers. Dat was al duidelijk bij de single Speed of sound , maar onder meer ook White shadows, Fix you, Swallowed in the sea en vooral Talk slaan even snel aan dan de verklaringen van ons aller minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht in de media. Enkel de titelsong X&Y is een wat vreemde eend in de bijt. Die song refereert eerder aan Martins lichtende voorbeeld Thom Yorke van Radiohead. Voor het overige vervult Chris Martin met glans zijn rol als King of pop of Master of melody.
Coldplay is echter ook op deze derde plaat op zijn best wanneer alle ornamenten en ballast achterwege worden gelaten en enkel the bare necessities overblijven, zoals de stem van Martin, een ene keer begeleid door een akoestische gitaar, een andere keer door de hemelse klanken die hij uit zijn piano haalt. Zo is Hardest part een popsong van het zuiverste kaliber die knipoogt naar de Counting Crows. De bonustrack ‘Till kingdom come kan door zijn pure eenvoud niet méér contrasteren met de rest van de plaat en zet de eerder uiteengezette stelling alleen maar kracht bij.
Ondanks de liters inkt die al is gevloeid en nog zal vloeien over deze plaat, zal deze derde van Coldplay er bij de fans ongetwijfeld als zoete koek ingaan.Toch alvast iets dat bij dit album als een paal boven water staat, net zoals het feit dat geen enkel nummer op X&Y echt uit de band springt en de plaat niet het niveau haalt van Parachutes en A rush of blood to the head.
