Begin dit jaar schreef ik nog dat Iron & Wine voor mij één van de vijf belangrijkste vernieuwers in het alt.country genre was van de laatste jaren. Calexico had ik niet in mijn lijstje vernoemd. Ik blijf Burns en Convertino immers altijd beschouwen als deel van Giant Sand en deel ze daarom niet in bij de nieuwlichters. Een opkomend talent en ervaren rotten, dus. Dat moest wel vuurwerk geven. En dat doet het ook. Niet van dat vuurwerk met harde knallen, maar mooi openwaaierende boeketten en kleurenpracht.
Het eerste wat opvalt is hoe goed de stemmen van Sam Beam en Joey Burns wel bij elkaar passen. Ze zitten beiden in het ietwat fluisterende kamp van zangers, maar als ze samen beginnen te fluisteren wordt een mens er al gauw stil van (om nog beter te kunnen luisteren). Als Natalie Wyants hen dan nog gezelschap komt houden is het helemaal genieten.
Een tweede opvallend punt is dat de samenwerking (waar wellicht nog een vervolg op komt!) niet is verworden tot een collectie afdankertjes. In de hoop dat ze door wat samen te pingelen er beter op worden. Nee, je voelt dat er hart en ziel is gestoken in de composities en dat het heus niet zomaar een vrijblijvend fantasietje van een plantenbons was, of een leuk idee tussen pot en pint opgenomen.
Derde vaststelling is dat de samenwerking meer is dan de som van de delen. Zo levert de combinatie van de filmende Americana van Calexico en de meer singersongwriter getinte aanpak van Beam verrassende resultaten op. Zo klinkt Burn that broken bed jazzy, Red Dust krijgt een bluesinjectie en History of Lovers is zowaar bijna een poprocker waar Steve Wynn jaloers op zou zijn. In (He lays) in the reins krijg je zelfs een Spaanstalige opera-sample voorgeschoteld. Een ietwat bizarre keuze die meteen duidelijk maakt dat men niet voor de gemakkelijkste weg heeft willen kiezen en dat er wel degelijk een creatieve chemie ontstond tijdens de opnames. Ik vind het in ieder geval geen typische Calexico plaat waar Sam Beam wat mag op meezingen. Noch is het een Iron & Wine plaat waarbij Burns & Convertino nog eens in de ondergeschikte rol kruipen om andermans composities te begeleiden (cf. Howe Gelb en Giant Sand).
De fans van de respectievelijke bands die dachten dat de balans in hun voordeel zou overslaan komen dus bedrogen uit. Wie echter een groep artiesten aan het werk wil horen die durven afwijken van de platgetreden paden en erin slagen om toch nog trouw te blijven aan de eigen sound, kan hier zijn/haar hartje aan ophalen. Aanrader.
