Er zijn zo van die plaatjes die er alles aan doen om onopgemerkt te blijven. Twelve Rooms van Palaxy Tracks is er zo eentje. Zoeken in Google naar een Nederlandstalige bespreking levert niks op, en ook op Engelstalig vlak is het een mager beestje. Onder het motto "alle beetjes helpen" en "parels voor de zwijnen" doe ik nu een duit in het zakje. Ik vind de plaat immers prachtig en best wat meer media-aandacht waardig.
Ze hebben het natuurlijk ook zelf een beetje gezocht. Wie melancholische, delicate en bescheiden gitaarrock maakt, heeft het automatisch niet onder de markt. Twelve Rooms biedt echter 12 kamers waarin het aangenaam toeven is voor de liefhebbers. Palaxy Tracks laat, in tegenstelling tot bv. Coldplay, de verstikkende bombast achterwege en geeft de songs de ruimte om te ademen, om warmte uit te stralen. Grey Snakes krijgt zo de tijd om te beginnen als een rustige rocksong, na dik 2 minuten bijna stil te vallen en uit te waaieren naar een post-rockerige finale.
De zanger/songsmid Brandon Durham heeft een aangename stem die qua frasering aanleunt bij die van Ben Gibbard, maar in toon meer bij Lou Barlow. Geen wereldstem, maar perfect in harmonie met de muzikale sfeer. Lamplighter zou trouwens niet misstaan op een Death Cab For Cutie-album. Andere namen die me te binnen schieten zijn Unwed Sailor, Great Lake Swimmers (het rustige Me and you and him), Tortoise (Twelve rooms) of vroege R.E.M. Af en toe mag er zelfs een countrytwang in de nummers (zoals in Camera en The Clarion Way), of gaat het er beschaafd harder aan toe (Up my sleeve, Legs on the ladder en Dead Language).
“Like a snapshot taken at twilight, their music is a photograph of a landscape caught at perpetual dusk.”, vind ik op de homepage van de heren. Voeg daarbij de tekstuele verwijzingen naar het werk van Raymond Carver, de uitstekende cover van Cohen's Seems so long ago, Nancy, uw uitgelezen kans om er deze keer als eerste bij te zijn om een band te ontdekken; en u heeft geen excuus meer om deze plaat links te laten liggen.
