Heel even leek het erop dat The Shout Out Louds zouden tekenenen voor het (Wolfgang Amadeus) Phoenixke van 2010, maar helaas. De voorafjes Walls en Fall Hard beloofden immers héél veel goeds. Ik keek dan ook hard uit naar deze release maar jammer genoeg voor de Zweden zijn het ook meteen de twee strafste songs op hun derde plaat Work.
Wellicht niet geheel toevallig is de titel van de eerste song 1999. Vast een knipoog naar de opener 1901 op Wolfgang Amadeus Phoenix. Niet meteen de muzikale evenknie van laatstgenoemde, maar kom, het is een lekkere, uptempo meezinger. Daarna volgt Fall Hard dat we al plugden op onze blog omdat het zo'n razend knappe song is. Niet zozeer door baanbrekend of post-balkan-retro-folktronica te willen zijn, maar gewoon een popsong zoals er meer op de radio zouden moeten te horen zijn. Bovendien valt hier ook duidelijk het warme klanktapijt (die subtiele koperblazers!) op waar The Shout Out Louds zich op te vleien hebben gelegd.
Nee, aan de productie zal het in ieder geval niet liggen. Het vijftal deed een beroep op een ware professional: de ten huize luister.info zwaar gewaardeerde Phil Ek. U herinnert zich de man wellicht van Fleet Foxes en The Shins. De iets ouderen onder u kennen hem wellicht al langer van Built to Spill of andere platen op het K-Records label van Calvin Johnson (Beat Happening, Halo Benders,...). Ek zorgt voor een nostalgisch geluid dat nog het best tot zijn recht zou komen op een degelijke platendraaier en dito geluidsinstallatie. Als er één ding is wat de mindere tot middelmatige songs op deze plaat uiteindelijk redt van de skip-toets (of de-beweeg-de-arm-van-de-platendraaier-omhoog-en-ga-naar-links-laat-zakken-nee-niet-goed-terug-omhoog-beetje-terug-damn-weer-omhoog-etc) dan is het wel de aangename sound.
Play the game kan er nog mee door en ook Walls presenteerden we u al op onze blog als kerstsingle van 2009. De kaars in Candle Burned Out is er echter één van de Bond Zonder Naam: brandt lang, is voorzien van halfbakken inspiratie en saai. Zo zou ook de B-side van het album weinig slijtage kunnen gaan vertonen aangezien er, vergeleken met de A-kant, niet echt een song opstaat waar je echt zin in krijgt en wil blijven naar teruggrijpen. Niet dat het allemaal slecht is, ver van, het kabbelt alleen allemaal net iets te casual verder. Komt daarbij nog dat het vocale bereik van Adam Olenius ook wat te eentonig is om alvast daar voor de nodige variatie te zorgen. (Gelukkig is hij wel al een beetje opgevrolijkt ten opzichte van de vorige releases).
Waar je op Wolfgang Amadeus Phoenix als het ware in een bobslee over de olympische piste van Vancouver roetste, zit je op Work eerder in de lokale boemel. OK, het landschap is af en toe wel mooi om naar te staren, de regendruppels tegen het raam zorgen voor melancholische mijmeringen. Maar het ding heeft altijd vertraging, is altijd veel te warm en iedereen zit altijd met de neus in Humo in de hoop ooit in de Uitlaat te komen. Volgende keer een beetje harder werken, jongens en meisje!
[GeertA] |