Hoewel de eerste belangrijke releases van 2005 zich al aandienen, blijft het nog hoofdzakelijk terugkijken naar vorig jaar. En bij dat achterom kijken valt op dat we een aantal belangrijke hypes over het hoofd gezien hebben. Logisch, want luister.info schoot pas in het laatste kwartaal van 2004 uit de startblokken. Het weze ons dus vergeven dat we nu pas het eerste woord laten vallen over Scissor Sisters, het New Yorkse kwintet dat met het gelijknamige debuut vriend en vijand verraste.
De sissies zijn in de Big Apple - om het in Monza-termen uit te drukken - grand. Dat konden we onlangs ter plaatse nog vaststellen. De New Yorkers zijn altijd wel op zoek the next big thing en slaan daarbij, net zoals de Britten trouwens, af en toe wel eens de bal mis. De Scissor Sisters waren echter een schot in de roos.
Het vijftal – vier queer guys en één big lady – kan zeker als een gimmick beschouwd worden, maar dan wel een van het goede soort. Want de would be dragqueens die ons in clowneske seventieskledij een stevige portie glamrock voorschotelen, doen veel meer dan alleen op onze lachspieren werken. Met hun mix van pop, rock, disco en dance zetten ze ook onze dansspieren in werking. En dat is altijd een goed teken.
De nummers van Jake Shears, Ana Matronic, Del Marquis, Paddy Boom en Babydaddy doen ons aan een steeds weer andere groep of artiest denken. Jamiroquai, Elton John, Bee Gees, The Sleepy Jackson, Black Crowes, George Michael, Beck … Ze passeren allemaal de revue. Maar bovenal weten de Scissor Sisters – de naam verwijst naar verluidt naar een seksstandje dat populair is bij lesbische paren – al die invloeden om te smeden tot een uiterst poppy en dansbaar geheel.
Take your mama is één van de meest swingende nummers van het jaar. Ook T*ts on the radio dingt naar die titel en doet dat met een knotsgekke tekst: “Dark room Danny can't see/with the lights turned out/you can't see tits on the radio/I'll give you five fingers/for a one man show/fasten those pants for the lap dance/take a shot now this may be your last chance”.
Mary is dan weer een tearjerker waar Elton John jaloers op zou zijn. En Filthy/gorgeous gaat de Daft Punk toer op. Merkwaardig genoeg is op het album ook een cover van Pink Floyd terug te vinden: Comfortably numb , dat in een strak zittend danskleedje werd gestoken en met de billen dichtgeknepen in ware Gibb-stijl wordt gebracht.
Om echt te excelleren mangelt er echter toch nog iets aan de plaat. Misschien is het toch dat al te vrijblijvende karakter van het album dat uiteindelijk blijft hangen. Bovendien kunnen de Sisters het verschroeiende tempo geen hele plaat volhouden. Naar het einde toe steekt een lichte vorm van bloedarmoede de kop op. De laatste twee nummers zijn er duidelijk teveel aan. Het is dan ook uitkijken naar de opvolger van dit debuut, waarbij de vraag zal worden beantwoord of de Scissor Sisters het creatieve vuur kunnen brandende houden. Voorlopig zal het ons echter worst wezen. Met deze plaat is het alvast nog een tijdje lente in huis. Shake that ass!
